«Opeens herinnerde ik me eraan om dat offer te doen,
om Onze Lieve Heer te troosten»
Heilige Franciscus Marto
Beste Vrienden van het Kruis,
We zitten in de meimaand, waar we vooral aan de Heilige Maagd Maria denken. Als voor elke christen de devotie tot Maria, Moeder van God en Moeder van de Verlosser Jezus Christus, zo belangrijk is, des te belangrijker is deze devotie voor de “Vrienden van het Kruis”.
Omdat zij zoals een goede Moeder haar zoon Jezus Christus heeft bijgestaan in de volbrenging van de wil van de Vader tot aan de dood en de dood op het kruis.
De Catechismus van de Katholieke Kerk leert ons:
«Zo ging ook de heilige Maagd voort op haar pelgrimstocht van het geloof en zij volhardde trouw in de verbondenheid met haar Zoon tot onder het kruis. Daar stond zij, niet zonder Gods raadsbesluit, en leed ten diepste mee met haar eniggeboren Zoon en met haar moederhart nam zij deel aan zijn offer door liefdevol in te stemmen met het offer van het slachtoffer dat uit haar geboren was; tenslotte werd zij door dezelfde Jezus Christus, toen Hij stierf op het kruis, met deze woorden als moeder aan zijn leerling gegeven: “Vrouw, zie daar uw zoon” (Joh. 19, 26-27)» (LG 58).[1]

Op dit moment van smart voor beide harten, die van de Moeder en die van de Zoon, hebben we Maria als Moeder gekregen: ze is nu Moeder van Jezus en Moeder van alle christenen. Zoals zij met haar Zoon was tijdens het lijden zo is zij ook met ons en met ieder van ons. We kunnen de bescherming van de Maria op verschillende manieren zien in de gehele geschiedenis. Denken wij aan Loreto, Częstochowa, Pilar, Lourdes, Altöting, Heiloo, Fátima, etc.
In deze bulletin willen we het hebben over het effect dat de verschijningen van Maria in Fatima had, in het leven van de heilige Franciscus Marto, 9 jaar. Ook willen we het hebben over het effect van de verschijningen van de Engel van Portugal aan de herdertjes.
Alle verschijningen hadden een duidelijke boodschap, maar op dit momento zullen we ons concentreren op vooral twee teksten:
De 2e verschijning van de engel: Deze vraagt hen: “Draagt voortdurend aan de Allerhoogste gebeden en offers op! ”
En hier leren de herdertjes ons een belangrijke vraag, die we onszelf ook regelmatig zouden moeten stellen: “Hoe moeten wij ons offeren?”
Overwegen we het antwoord van de engel: “Van alles wat ge kunt, moet ge een offer maken van eerherstel voor de zonden door welke Hij beledigd wordt, en van smeking voor de bekering der zondaars.
Trekt op die wijze over ons vaderland de vrede af.
Ik ben zijn Bewaarengel, de Engel van Portugal.
ooral, neemt aan en verdraagt met onderwerping het lijden dat de Heer u zal overzenden.”[2]

De 2e verschijning van de Maagd Maria, op 13 juni 1917:
Zoals Lucia het verteld:
«– Wat wilt U van mij? – vroeg ik.
– Ik wens, dat jullie de dertiende van de komen de maanden hier tergkomen; dat jullie iederedag de rozenkrans bidden en leren lezen. Later zeg ik jullie wat ik graag zou willen hebben.
Ik vroeg voor genezing van een zieke.
– Als hij zich bekeert, zal hij dit jaar gezond worden.
– Ik wilde haar vragen om ons mee naar de Hemel te nemen.
– Ja, Jacinta en Francisco zal ik spoedig halen. Jij zult hier echter nog een tijd blijven. Jezus wil zich van jou bedienen, opdat de mensen Mij kennen en beminnen. Hij wil op aarde de verering van mijn Onbevlekt Hart vestigen.
– Blijf ik hier alleen? – vroeg ik treurig.
– Neen Mijn kind! Heb je veel te lijden? Laat je niet ontmoedigen. Nooit zal ik je verlaten, Mijn Onbevlekt Hart zal je toevlucht zijn en de weg die je naar God zal voeren.
Bij deze laatste woorden opende de H. Maagd weer de handen en deelde hun weer dat onmetelijke Licht mee, waardoor zij zich in God verzonken voelden. Jacinta en Francisco schenen in het Licht te staan, dat Zich ten Hemel verhief en ik in het deel dat zich over de aarde uitstortte.
Voor de rechterhandvlakte van O.L. Vrouw was een hart, met doornen omgeven die het doorboorden. We begrepen dat dit het Onbevlekt Hart van Maria was, gewond door de zonden van de mensen, waardoor eerherstel werd verlangd. [3]
Doormiddel van de preek van de Heilige Johannes Paulus II ter gelegenheid van de zaligverklaring van Jacinta en Francisco, beschrijven we het effect dat deze twee boodschappen hebben gehad op het leven van Francisco:
“Later merkt Francesco op: “Wij brandden in dat licht dat God is en we verbrandden niet. Hoe is God? Dat is niet uit te leggen. Zeker is, dat we het nooit zullen kunnen zeggen”.
Wat de zalige Francesco het meest verwonderde en doordrong, was God in dit immense licht dat hen alle drie in het diepste van hun wezen raakte. Alleen aan hem heeft God zich “zo bedroefd” kenbaar gemaakt, zei hij. Op een nacht hoorde zijn vader hem snikken en vroeg hem waarom hij weende; zijn zoontje antwoordde: “ik dacht aan Jezus die zo bedroefd is door de zonden die tegen Hem begaan worden”. Dit unieke verlangen – zo eigen aan de manier waarop kinderen denken – brengt Francesco tot handelen en hij zal “Jezus troosten en ervoor zorgen dat Hij tevreden is”.
Er doet zich een transformatie in zijn leven voor die men radicaal zou kunnen noemen; een transformatie die zeker niet gewoon is voor een kind van zijn leeftijd. Hij begint een intens geestelijk leven met zo een nauwgezet en vurig gebed dat hij een echte vorm van mystieke vereniging met de Heer bereikt. Het is precies dat wat hem tot een toenemende zuivering van de geest brengt, dank zij de vele onthechtingen van wat hij graag heeft of doet en zelfs van onschuldige kinderspelletjes.
Francesco zal groot leed verduren door de ziekte waaraan hij zal sterven, zonder ooit te klagen. Niets leek hem genoeg om Jezus te troosten; hij stierf met de glimlach op de lippen. Dit kind had een groot verlangen om eerherstel te doen voor de beledigingen van de zondaars en zich daarvoor op te offeren door goed te zijn, offers te doen, te bidden. Jacinta, zijn zusje dat bijna twee jaar jonger was, had dezelfde gevoelens.[4]

Bij de derde verschijning vraagt Maria hen: “Offer jezelf op voor de zondaars en zeg dikwijls, vooral als je een offer brengt: “O Jezus, dit doe ik uit liefde tot U, voor de bekering van de zondaars en om eerherstel te brengen voor de zonden tegen het Onbevlekte Hart van Maria”.”
“Waar vinden we de theologische basis voor een dergelijke bezorgdheid?
Het staat in het Evangelie, in een van de meest indrukwekkende scènes: toen Jezus naar de Hof van Olijven ging, koos Hij de drie meest intieme apostelen om met Hem te waken en te bidden; en zij vielen in slaap. Zelfs vandaag de dag houden vrome zielen de Heer graag gezelschap, terwijl ze denken aan Zijn doodsstrijd in de Hof. Pascal zei dat Christus in doodsstrijd zal zijn tot het einde van de wereld.
De drie apostelen die in de Hof sliepen, waren niet alleen. Bij hen waren alle goede zielen, min of meer bij bewustzijn, min of meer wakker, die gezelschap houden met de stervende Jezus. Dit is de betekenis van eerherstel die we nu kunnen doen, met een actualiteit die de tijd overstijgt en kenmerken van eeuwigheid krijgt. De herdertjes van Fatima hadden geen theologie gestudeerd, maar ze waren verlicht door de gaven van de Heilige Geest. Je hoeft geen theologie te studeren om tot de conclusie te komen dat zonde God beledigt en het goede Hem troost. Dat is de grote les van Francisco Marto”.[5]
We willen dit artikel eindigen met een van de bloemetjes van Franciscus Marto, zodat we hem kunnen navolgen en de kleine dagelijkse offers kunnen brengen voor de liefde van God:
«Op een kwamen we langs ons huis, gelegen tegenover het huis van mijn peettante. Ze had juist honingwater gemaakt en riep ons om ons een glas daarvan te geven. We gingen binnen en Francisco kreeg het eerst het glas om te drinken. Hij neemt het aan en geeft het zonder te drinken door aan Jacinta, om haar en mij eerst te laten drinken; hij echter is als ´n dief verdwenen.
- Waar is Francisco? Vraagt mijn peettante
- Ik weet niet. Daar net stond hij nog hier!
Hij kwam niet meer opdagen. En na bedankt te hebben, gingen we hem zoeken, waar we zeker wisten dat hij was, nl. bij de put waarvan ik al dikwijls gesproken heb.
- Francicso, je hebt het honingwater niet gedronken! Tante heeft vaak op je geroepen, maar jij kwam niet opdagen!
- Toen ik dat glas aannam, kreeg ik plotseling de gedachte dat offer te brengen om O.L. Heer te troosten; toen ben ik, terwijl jullie dronken, er tussen uit gepiept.»[6]
Wat is er toch nog veel te leren van de heilige herdertjes!
Zoals de Paus heeft gezegd dat « door hun trouw aan God, ze een lichtend voorbeeld zijn voor kinderen en volwassenen van hoe het mogelijk is om op een eenvoudige en vrijgevige manier gelijkvormig te zijn aan de omvormende werking van de goddelijke genade».
Moge de Heilige Maagd Maria ons verlangen vergroten om Jezus te troosten en offers te brengen als eerherstel voor de zonden van alle zondaars.
Kijk naar de Ster, roep Maria aan
(Gebed van de H. Bernardus)
Als de winden van de kwellingen opsteken, als gij botst tegen de klippen van de verdrukking, kijk naar de ster, roep Maria aan.
Als toorn of hebzucht of de verlokkingen van het vlees het bootje van de ziel hevig heen en weer geschud hebben, kijk naar Maria.
Als gij, omdat ge verward zijt door de grote hoeveelheid van uw fouten, verzwolgen dreigt te worden door de diepte van de droefheid, kijk dan naar de Ster van de hemel en bid tot de Moeder van God.
Als gij haar volgt, raakt ge niet van de weg af, als gij haar vraagt, wanhoopt ge niet. En door haar geleid, kom je zeker tot de Poort van de Hemel.
Laat zij niet wijken van uw lippen, laat zij niet wijken van uw hart en, opdat gij de hulp van haar gebed moogt verkrijgen, wend u niet af van het voorbeeld van haar leven.
Als gij haar volgt, raakt ge niet van de weg af, als gij haar vraagt, wanhoopt ge niet, als gij aan haar denkt, dwaalt ge niet.
Als zij u vasthoudt, valt ge niet, als zij u beschermt, vreest ge niet, als zij u leidt, raakt ge niet vermoeid, met haar steun bereikt gij uw doel.
En zo ervaart ge in uzelf hoe terecht gezegd wordt: ‘En de naam van de Maagd was Maria’.
[1] Catechismus van de Katholiek Kerk nr. 964
[2] https://gegroetokruis.org/2017/01/08/de-drie-verschijningen-van-de-engel-van-portugal-in-1916/
[3] https://www.marypages.com/fatima-(portugal)-1917.html
[4] Preek van H. Johannes Paulus II ter gelegenheid van de zaligverklaring van Franciscus en Jacinta, 13 mei 2000
[5] F. RENDEIRO, «El mensaje de Francisco de Fátima», 13 de Abril de 1969, en La espiritualidad de los pastorcitos Francisco y Jacinta Marto, Fátima 2000, 50–52.
[6] Herinneringen van Zuster Lucia «vierde herinnering», invloed van de laatste verschijning, p. 141-142
Ontdek meer van Friends of the Cross
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.